Komt een dokter bij de dokter: je rol als arts of patiënt, 5 tips voor beide zijden van de spreekkamer

Hoe vaak bezoek jij een collega arts voor een medisch probleem? Heb je een huisarts? Veel collega’s worstelen met dit onderwerp. Ik ook regelmatig. We zijn niet de enigen blijkt uit de literatuur. Er is erg veel geschreven over de arts die zichzelf als patiënt heeft en dus een Idiot is…

Ik lees graag over dokters. Ik zie ze ook vaak als patiënt en regelmatig ook vice versa helaas… we zijn ook maar mensen. De medisch opleiding en dito cultuur zorgen er alleen voor dat het nog niet zo gemakkelijk is om als arts een zelfde soort behandeling te krijgen als onze niet-medische patiënten. Er gebeurt namelijk van alles als twee artsen elkaar in niet gelijke rollen treffen in de behandelkamer. Vaak ontstaat ontkenning: de arts die patiënt is wil niet weten dat er iets aan de hand is en de behandelend arts vaak ook niet, want dat is confronterend: dat wij artsen zelf ook ziek worden en dood gaan. Vaak ontstaat daardoor het ‘ons kent ons‘ syndroom. De twee artsen dansen wat om elkaar heen maar er ontstaat geen goede behandelrelatie en vroeg of laat komt er onvrede en verwijten de twee elkaar van alles. Niet eenvoudig. We zitten nu eenmaal liever aan het roer! Een mooi handboek voor iedere arts die een collega met of  voor mentale problemen behandeld is ‘The physician as Patient‘ van Myers en Gabbard (2008), ook prima te lezen voor elke andere arts die merkt dat er iets misgaat en niet voldoende uit de voeten kan met onderstaande tips.

Uit mijn ervaringen en een hoop literatuur heb ik de volgende tips voor je geselecteerd:

voor de arts die in de patiëntenrol komt:

  1. zoek op tijd hulp, wacht niet te lang
  2. geef aan dat je collega bent maar dat je net zo (goed) wilt worden behandeld als welke andere patiënt dan ook, met dito procedures (verslaglegging, behandelinsgplan, voorlichting)
  3. geef aan waar je zorgen en behoeften liggen (waar je bang voor bent)
  4. beschrijf je symptomen zonder allerlei beschouwing/conclusies/differentiaal diagnostische lijstjes
  5. accepteer geen reacties als: “dat weet je wel hè?” of “dat kun je zelf wel voorschrijven toch?” en verwijs naar 2
  6. volg de behandeling/instructies op conform de voorschriften. Als je het er niet mee eens bent of je vertrouwt het niet, ga niet zelf-dokteren maar kom er bij je arts op terug
  7. licht je naasten en collega’s in: help de illusie ‘dat wij artsen niet ziek worden’ de wereld uit

 

voor de arts die in een andere arts als patiënten heeft:

  1. geef aan dat je je collega net zo behandeld als elke andere patiënt, omdat je weet dat er anders vaak suboptimale zorg wordt geleverd en dito resultaten, maar dat de rollen duidelijk verdeeld moeten worden: jij bent de arts, je collega is nu patient!
  2. wees niet te amicaal
  3. vraag geen extra onderzoeken aan ter geruststelling of uitsluitingen die je normaal en volgens richtlijnen bij een niet-collega ook niet zou uitvoeren
  4. realiseer je dat wij artsen ook ziek worden en dezelfde narigheid tegenkomen als je andere patiënten: dat is echt geen fijne conclusie, maar laat je gedrag er door niet beïnvloeden!
  5. probeer je collega geen leed/opnames/ingrepen/onderzoeken/slecht nieuws te besparen: hij/zij heeft er net zo goed recht op en het helpt de prognose niet beter te worden
  6. je weet dat patiënten de helft van een consult niet goed meekrijgen, dus herhaal waar nodig
  7. pleeg intervisie als je merkt dat er ongewenst en ondanks ieders inspanningen frictie komt in de behandelrelatie en wijs op tip1

 

voor de arts die als mantelzorger voor zijn naasten bij een medische behandeling is betrokken:

  1. volg de 7 tips voor de arts in de patiëntenrol
  2. accepteer dat je dit fenomeen tegenkomt en dat er geen oplossing voor is:je zit in een dubbelrol, namelijk dat familie/naasten en de arts zich beiden tot jou zullen keren ook al ben je geen contactpersoon. Je zult je erg verantwoordelijk voelen als het misgaat. Zoek steun of intervisie voor dit fenomeen, het is naar maar waar…
  3. als je echt twijfelt: ga na of je wat er gebeurd is jouw verantwoordelijkheid is en of je een voldoende mate van goede intentie en inspanning hebt geleverd en verdraag de uitkomst daarvan

 

voor de arts die in een andere arts of hulpverlener als ouder, vriend of partner van de patiënt heeft (met dank aan Paul Heaton, kinderarts, Somerset GB):

  1. spreek af hoe jullie elkaar aanspreken
  2. gebruik geen medisch jargon
  3. doe niet alsof je niet weet dat de naasten arts zijn
  4. spreek niet primair tegen de arts, maar je eigen patient
  5. Ga ervan uit dat de medische naasten het e.e.a. over het onderwerp weten, misschien zelf sterke overtuigingen hebben, maar verder naïef kunnen zijn
  6. vraag na wat voor artsen of hulpverleners het zijn
  7. psycho-economisch of sociale ellende overkomt iedereen, ook familie en bekenden van medici

Sterkte en laat me weten waar ik kan helpen!

 

Hans Rode

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *